The kimberley en de Big Red Center van Australië

Aangepast op: 15 September 2019

The kimberley en de Big Red Center van Australië

Van zondag 2 oktober tot dinsdag 4 oktober

Reizen naar Australië is een zaak van veel wachten, veel zitten en het ondergaan van vele controles.
Maar als je er bent, weet je ook waar voor je het doet.
In feite is het een beetje teruggaan in de tijd. Van een ‘bling bling’ vliegveld (Schiphol), op 2 oktober, ga je naar een ‘bling bling bling’ vliegveld van Hong Kong.

Tussen landing Hong Kong Tussen landing in Hong Kong

Als je daar bent bijgekomen van de enormiteit van het vliegveld, vertrek je naar een gewoon vliegveld in Perth. Na 30 uur zijn we er op tijd, om 22:30, gearriveerd.
Maar dan… De douane, die kost enorm veel tijd. Als je achter in het vliegtuig zit, sta je dus ook altijd achteraan in de wachtrijen bij de douane. Eerst een ‘incoming passenger card’ invullen of je niet iets vreemds meeneemt en zo. Paspoort laten zien, daarna de handbagage en de normale koffers weer door de scanner. Als laatste wordt je persoonlijk opgehaald door een douanier en moet je, als je pech hebt, je alle bagage openmaken. (Gebeurt dus vaak bij Chinese passagiers).
Daar sta je dan om 00:00 buiten, geen openbaar vervoer meer, maar een taxirit van een half uur naar je hotel.
Dezelfde dag moet je om 10:00 het hotel uit (hebben uitgecheckt), dus een wandeling door de stad. Na veel zoeken een verloopstekker gekocht in een soort Bijenkorf (Wal-Mart). Kun je ten minste alles weer opladen.

Aan de kust van Perth kust bij Perth

Om 14:00 weer een taxi naar het nationale vliegveld (Domestic). Van de taxichauffeur kregen we fruit mee. Echter mag het fruit niet mee het vliegveld in. Dit vanwege fruitvliegjes en andere ziektes. Hierdoor waren we genoodzaakt om het fruit weg te gooien. ik vond het zonde van het fruit, toen heb ik besloten om het aan een Aboriginal te geven.
Het nationale vliegveld van Perth is een lekker ouderwetse vliegveld met simpele procedures, een kleine handbagage check en lopend over het beton naar het vliegveld.
Eind van de middag aangekomen in Broome, op een vliegveld met één start- en landingsbaan, net lang genoeg voor het vliegtuig om te landen en met een aankomsthal uit vroegere tijden. Je mag gewoon de passagiers ophalen in de aankomsthal, “no worries”, nog net niet buiten vanaf het platform. Niks meer ‘bling bling’.
Het hotel is ook gewoon recht toe recht aan, simpel en goed.

woensdag 5 oktober

De volgende dag een korte taxirit naar de autoverhuur, het was iets te warm en te ver om te gaan lopen.
En dan begint het echte reizen. Na een gedegen uitleg over alles van de 4WD (Toyota Landcruiser 4WD, 4 ltr, V8, turbo diesel), de eerste meters in een linksrijdend verkeer.

Auto ophalen in Broome Auto ophalen in Broome

Voor ons gevoel zit de versnellingsbak en de richtingaanwijzer aan de verkeerde kant. Maar onderweg naar de mall, om wat inkopen te doen, leert het snel. Broome mag dan een klein stadje zijn in de uithoek van dit land, het heeft wel een overdekt winkelcentrum waar menige Franse supermaché jaloers op kan zijn.
Toen echt onderweg door het noordwesten van Australië. Het was al rustig, maar onderweg werd het steeds rustiger en immens leeg. Een vlak landschap met struiken en hier en daar bomen en soms lege vlaktes. Er komt geen eind aan. Het enige wat je ziet zijn soms tegenliggers, soms vrachtwagens en soms loslopende koeien. Verder een lange en meestal rechte weg.

Willare bridge roadhouse Willare bridge roadhouse

Onze eerste overnachting wordt Fitzroy Crossing Lodge, een lodge zoals wij dat eerder hebben meegemaakt in India en Indonesië. Grote veranda’s, tropische omgeving, buiten eten en een ouderwetse Australische pub waar je kunt eten en drinken. Hier hebben wij pas ons eerste echte grote biertje gedronken, op de veranda.

Fitzroy crossing Fitsroy Crossing Lodge
Fitzroy River Fitsroy River bij Fitzroy Crossing

Dat het water hier hoog kan staan, daarvan hebben we ze wel wat foto's van in de receptie. Je schrikt. Als het een keer goed regent, dan kom je met de auto (2WD / 4WD) de brug niet over. In 1997 en 2002 stond het water zo hoog dat zelfs de paviljoen van de Fitzroy Crossing Lodge onder water stond. Eind december en begin januari van 2010, 2011, 2012 en 2013 kwam het water niveau van de Fitzroy River ook zeer hoog, zodat de inwoners van Fitzroy Crossing noodgedwongen moesten worden geëvacueerd.
Jaarlijks, rond eind december / begin januari, treedt de rivier uit zijn oevers vanwege de regenseizoen (winter), alleen de laatste jaren staat het water niveau erg hoog. Dan begin je te beseffen dat de weer omstandigheden heviger worden (klimaat verandering ???).

Donderdag 6 oktober

Vanmorgen zijn we om 8:00 vertrokken en na een kort stukje asfalt, rechtsaf de ‘dirt road’ op. Je vraagt jezelf eerst af, hoe hard moet ik eigenlijk rijden? De weg bestaat uit gravel en ziet er uit als een “wasbord”. Het antwoord is gewoon hard, gemiddeld 60 km per uur, doen zij ook en overigens red je het niet in tijd. De weg is redelijk breed tot breed, er staan waarschuwingsborden voor "flood water", overstekende kreken. Meestal droog, maar een enkele keer water en borden met "dip" er op. Betekent gewoon wat het betekend, remmen, steil naar beneden en weer steil omhoog.

Leopold Road Leopold Road

We zijn onderweg twee keer gestopt, de eerste stop bij Tunnel Creek National Park. De rivier gaat een tunnel in van 2 km door een rifgebergte. Je kunt er door heen, strompelend en kruipend en met grote zaklampen. Hebben we niet gedaan dus.

Tunnel creek walk Tunnel creek walk

De 2e stop was bij Windjana Gorge, de rivier heeft hier een grote canyon gespleten in het gebergte. Diep uitgeslepen en er blijft altijd water in staan. Het wandelpad is 7 km, behoorlijk zwaar, lekker heet, stikt van de vliegen en er drijven behoorlijk veel “sweeties” in. We hebben ongeveer 1,5 uur gelopen en hebben minstens een kwartier bijzitten komen in de auto met de airco aan.

Windjana gorge Windjana gorge

Vervolgens was het een lange rit naar Imintji, waar we om 17:00 zijn aangekomen, 160 km over een “wasbord” weg. Door de snelheid moet je geconcentreerd blijven rijden en zie je weinig van de omgeving. Een zacht glooiende omgeving wat bestaat uit een soort savanne landschap met hoofdzakelijk redelijk ver uiteen staande eucalyptusbomen.

Onderweg naar Imintji Onderweg naar Imintji

Het overnachtingkamp is wat je verwacht van een kamp in de wildernis, een vast gebouw met een enorme veranda waar je kunt eten en drinken. De tenten, op vlonders, zijn super de luxe met eigen douche en toilet. In de loop van de nacht koelt het af, de dekens (paardendekens) moet weer om en je slaapt uitstekend.
Vroeg naar bed, 21:30, want de ochtend begint hier vroeg, 5:30 en het kampement dus ook...

Bell Gorge Wilderness Lodge Imintji Bell Gorge Wilderness Lodge bij Imintji

Vrijdag 7 oktober

Om 08:00 vertrokken voor een korte rit naar Mount Elizabeth station, we waren er al om 11:00. De weg wordt steeds beter, behalve de toegangsweg naar Mount Elizabeth station.

Onderweg naar Mt Elizabeth Onderweg naar Mount Elizabeth Station

Het is een boerderij met een camping en 6 lodges in een gebouwtje van golfplaat. Deze waren in het verleden voor de “stockman”, zeg maar de cowboys. Behalve wij, is er nog een gast. Een Nieuw-Zeelandse fotograaf, die met het postvliegtuig is gearriveerd en daardoor een week moet blijven. Een gezellige oude scheepswerktuigbouwkundige, die een semibetaalde hobby op na houdt en leuke verhalen heeft. Aan het eind van de middag komen er steeds meer familieleden van de eigenaar, het is hier herfstvakantie en dan is het de gewoonte dat er veel leden van de familie, voor het regenseizoen begint, op visite komen. Ook komt een complete Aboriginal familie langs, deze wonen in het dicht bijzijnde gemeenschap/dorp en ze werken meestal als knechten voor de boer (“stockman”). Dat betekent met zijn allen eten wat de pot schaft.
Op het erf lopen twee Walibi’s. Je moet de deur van je verblijf dicht houden, anders lopen ze naar binnen en maken ze een rotzooi van. Ook zagen we 2 kalveren op het erf lopen.

Mount Elizabeth station Foto's van Mount Elizabeth station

Zaterdag 8 oktober

Na het eenvoudige ontbijt om 08:00 vertrokken voor de rit naar El Questro: het Emma Resort. Een mooie lange rit over “wasbord” wegen, door de immense eucalyptusbossen en met diverse passages door kleine kreken en op het laatst een echte doorsteek, waarbij het water tot de drempel van auto komt. We hebben een paar minuten aan de kant van de rivier stilgestaan om te kijken hoe we de rivier konden oversteken. Men (mensen van het autoverhuurbedrijf in Broome) zei: “Als je twijfelt, wacht eerst op een ‘local’ en kijk hoe hij/zij de rivier oversteekt. Dan doe je het op dezelfde manier”.
Aan de andere zijde van de rivier staan 4 auto’s te wachten om te kijken hoe zij de rivier kunnen oversteken. Echter kwam er geen ‘local’ aan om te laten zien hoe je de rivier kan oversteken. Vervolgens hebben wij besloten om dan als eerste de oversteek te wagen. Het ging vlekkeloos natuurlijk. Door mijn sterke stuurmanskunst.

foto's onderweg naar Emma Gogre bij El Questro.

Foto's Pentecost River Crossing.

Om 16:00 aangekomen, na wat omrijden, in het ressort. De omgeving is zoals het hoort bij een ressort. Natuurlijke omgeving, grote veranda, goed koud drinken en uitstekend eten.
Na het donker worden we gek van de kikkergeluiden. De rivier stroomt op 5 mtr afstand van onze voordeur van de tent. Voor het naar bed gaan moest is eerst nog een kikkertje van de vloer terug naar buiten brengen.

Zondag 9 oktober

Vanmorgen vroeg wakker geworden. Het kamp ligt in een gorge (Emma Gorge), de zon scheen al om 6:00 in ons gezicht en de temperatuur liep enorm snel op. We zouden een wandeling doen naar het einde van de gorge, maar een deel van de route was net afgebrand, het stonk nog en de zon blakerde ook. Dus omkeren en zo snel mogelijk vertrekken.

foto's van emma gorge

Als je deze reis doet moet je niet klagen over de prijzen. Maar hier is het wel een beetje extreem: slapen in een luxe tent (is vooraf betaald), normaal eten in de avond, de man 2 bier en een continentaal ontbijt voor de prijs van meer dan 200 euro, dan wordt je als toerist vriendelijk en beleefd getild.
We zijn een ding vergeten, het is vandaag zondag en er is niets open. We zijn naar Wyndham gereden, een grote naam op de kaart, maar het stelt werkelijk niets voor. Echt niet, niet te omschrijven. De benzinepomp was gelukkig open. Binnen blijkt het ook een kleine supermarkt te zijn, waar meer Aboriginals binnen zijn dan blanke klanten, vanwege de airco.
Wij zijn maar rechtsaf gegaan, in de binnenlanden op zoek naar de boab prison tree, welke ze vroeger gebruikten als gevangeniscel voor Aboriginals. Gevonden, midden in het zoutwaterkrokodillen land. Daarna, terug op de asfaltweg, een slaapverwekkende rit van 125 km naar Kununurra, naar het beste hotel van de stad.

foto's van de boab prison boom foto's onderweg naar Kununurra

Verder valt er over vandaag weinig te zeggen. Het is hier stinkend heet. Buiten tenminste. Het levenspatroon is hier overigens: ontbijt om 7:00, lunch 12:00 (als je wat tegen komt, want het is immers zondag en we zitten echt in een verlaten buurt) en avondeten om 18:00. Daarna vroeg naar bed en vroeg weer op, zo leven ze hier met de zon mee.

Foto's van Kununurra

Maandag 10 oktober

Vanochtend wachten tot 09:15, voor dat we het verlossende telefoontje van het reisbureau kregen om naar de Bungle Bungle te kunnen rijden. Dit vanwege de "bush fire" in "the Bungles". De verlossende woorden waren “weg is weer open”. (Wel vergeten om Jannie te sms’en dat we naar “the Bungles” gaan).
We zijn om 10:00 vertrokken voor een lange rit naar het zuiden. Het laatste stuk van ruim 80 km naar het kamp is een echte “off road” weg. Op en neer, heen en weer, door diverse kreken en wachtend op een vrachtwagen (als lading een paar koeien) met een lekke band.

foto's onderweg naar the bungles

We hebben er ruim 2 uur over gedaan. Uit mijn broekzak, kregen we te horen dat we de bestemming hadden bereikt. Ik had de navigatie van de GSM vergeten uit te zetten. Tot nu toe had de navigatie, op een paar meter nauwkeurig, ons naar de goede eindbestemming gebracht. We waren zo nu en dan van de weg (volgens de GSM navigatiekaart), maar de eindbestemming hebben we bereikt.
Het is in de “Bungles” bloed heet, ca 40 gr. en de tent staat in de brandende zon. De mensen (staf) zeer hartelijk. Het blijkt dat we de enige gasten zijn. We eten mee met de staf en na het eten, omdat ze zelf ook niets te doen hebben, wordt er een film vertoond. Via de laptap en projector een speelfilm: “Dear John”.
De mensen (staf) verblijven hier 7 maanden onafgebroken, de post en het eten wordt hier op elke dinsdag gebracht door een truck. Er is satelliet telefoon en in principe kunnen ze in noodgevallen e-mailen. Een andere verbinding is er niet, behalve een landingsbaan van 1 km voor een vliegtuigje of een helikopter. Dat is alles.
In Kununurra heeft het overigens vanmiddag gespoeld. De eerste tekenen dat het regenseizoen weer begint. Op het moment dat wij weggingen was het stralend mooi weer. Hier heeft het, na de verwoestende cycloon in maart niet meer geregend. De brand, die hier geweest is, is normaal. De savanne hoort zo nu en dan af te branden, hoort bij de natuur hier. Na de regen wordt alles wel weer groen.

Een van de stafleden vertelde tijdens het eten, dat de hele team te maken heeft gehad met een overstroming. Omdat het een nieuwe kampement is, was het volledige personeel in opleiding bij Imintji (Kimberly). In maart (2011) hebben ze in het noorden veel overstroming gehad, het personeel kon geen kant op. Ze waren na 14 dagen door het eten heen en tot overmaat van ramp (voor de Aussie), na 10 dagen was het bier op. Ze zijn opgehaald door helikopters. De auto's konden ze later ophalen, toen de wegen enigszins hersteld waren.

Dinsdag 11 oktober

Vanmorgen, na het ontbijt, zijn we een eind gaan rijden om de rotsformaties, de kathedraal kloof enz. te gaan bekijken. Het is direct al heet, in de zon 40 gr. en op de stenenbeddingen van de opgedroogde kreken kan hier de temperatuur oplopen tot boven de 50 gr. Genoeg water meegenomen en gedronken.

foto's van de bungles

Na 12:00 niet meer bewegen en schuilen op de veranda van het kamp. Aan het eind van de middag nog naar een uitkijkpunt gereden, ca 50 km heen en terug, om foto's te maken.

foto's van de uitkijkpunt in de bungles
foto's van de bungles kamping

De thermometer heeft deze dag max 43,5 gr. aangegeven, in de nacht koelt het redelijk af. We hebben geslapen tot 6:00, maar omdat er boven ons in de boom de familie kaketoe met jong zit, worden we wakker van het lawaai.
Om 19:00 weer samen met de staf (met z'n zevenen) Thaise kipcurry gegeten. Een lekker glaasje wijn, voor Albert en voor mij een lekker koud flesje bier, en naar bed om 21:00.

Woensdag 12 oktober

Vanmorgen is een Nederlands echtpaar ingevlogen om te ontbijten en daarna met een gids vertrokken voor een tour door de omgeving. Heb een beetje medelijden met ze, gezien de conditie van de gids en de condities van de omgeving. En er komt aan het eind van de dag een bus met 16 toeristen. Hebben ze weer wat te doen, normaal hebben ze in het hoogseizoen 40 tot 60 gasten per dag.
Wij zijn om 9:00 vertrokken naar Kununurra en om 15:00 waren we bij het hotel. De weg van en naar het kamp is, als je het goed beschouwt, verschrikkelijk slecht. Ze doen dit bewust zo om de ongenodigde gasten (dagjes toeristen, rijdend met een 2 wiel aandrijving) uit de buurt te houden.

onderweg naar kununurra deel 2

Onderweg, bij de benzinepomp, gaf de thermometer een temperatuur aan van 44,5 gr. dus we gaan van de airco naar de airco. En dan te bedenken, dat er bij die temperaturen gewoon aan de weg wordt gewerkt. Asfalteerwerkzaamheden en brugreparaties. Je hebt een baan, maar je moet er wel voor over hebben in een wegwerkerpak (zoals in Nederland) en een enorme hoed (i.p.v. een helm in Nederland).

Donderdag 13 oktober

Na het eten zijn we de was gaan doen, het kon vandaag, het kon vandaag voor het eerst en ik denk ook voor de laatste keer. Koste even wat tijd, maar de spullen hangen nu te drogen in de hotelkamer. De openbare wasruimte ging dicht en daarom konden we de wasdroger niet gebruiken. Maar dat zal verder wel geen probleem geven, wel morgen vroeg de opgehangen kleding controleren op kakkerlakken. We zitten weer in de tropen.
De rit was lang en eenzaam, heel weinig verkeer en eindeloze savannes. Op het laatst ging het landschap veranderen in meer en hogere bomen, je kan merken dat we noordelijker komen te zitten en meer bij het echte woud.

foto's onderweg naar Katherine

Onderweg heb ik in een roadhouse een geweldig lekkere hamburger als middageten gegeten.
Roadhouses (lang de “dirt road”) liggen doorgaans op meer dan 150 km van elkaar, op sommige punten meer dan 300 km. Langs de geasfalteerde wegen liggen de roadhouses tussen de 100 en 200 km van elkaar. Een roadhouse is een soort motel / lodge, restaurant / pub, winkel, garage en tankstation. De roadhouses staan in de “middle of nowhere” en voordat je het weet ben je ze voorbij.
2 Keer gestopt voor een kleine wandeling. Onder andere naar Augustus Charles Gregory tree (op kaart te vinden met de GPS-coordinaten Lat: -15.567581, Long: 130.367286) en naar een gorge.

foto's van Gregory tree

Het motel waar we nu zitten is wel een stuk beter dan de vorige. We zitten een beetje meer in de bewoonde wereld, zo ver je daar van kan spreken.
De overgangen gaan hier heel vreemd, zo rij je nog in de onbewoonde wereld, je gaat de spoorlijn (van Darwin naar Alice Springs) over en je ziet de eerste woningen en fabriekjes.
Het voordeel van Katherine is, dat er een grote mall is, waar de gehele regio zijn boodschappen kan doen. En die is groot. Een AH, maar veel groter met wat bijkomende zaken. Een daarvan is de bottleshop, of te wel een slijterij. In verband met de wetgeving, 12:00 uitsluitend voor zeer lichte (bijna 0%) alcoholische dranken, 15:00 alcoholische dranken tot 3,5% en 17:00 voor alle alcoholische dranken.
Je wilt niet weten hoe druk het er dan is en welke hoeveelheden drank er dan wordt verkocht. Een rij bij de kassa tot aan de ingang van de supermarkt. Dozen met bier, grote flessen sterke drank. De rij is wordt niet alleen veroorzaakt door de hoeveelheid mensen en de hoeveelheden drank, ook vanwege het laten zijn van je identificatiebewijs. Onder de 21 mag geen alcoholische dranken worden verkocht, laat staan energie drankjes. In de “outback” zijn verder geen openbare verkooppunten. Als je voor een tijd de “outback” in gaat, moet je wat lekker is zelf meenemen en van verre halen. De pubs hebben ongeveer dezelfde openingstijden, alleen sluiten die om 22:00.
Morgen gaan we rustig naar het volgende plekje, zo’n 15 km naast de hoofdweg (1+2 rijstroken, stelt ook niet zoveel voor). Als je de binnenlanden in gaat noemen ze een brede onverharde weg (dirt road) ook al snel een hoofdweg.

Vrijdag 14 oktober

Om 9:00 vertrokken en met een paar uitstapjes om 14:30 in Bachelor Litchfield National Park aangekomen.

foto's van Edith falls
foto's van Pine creek
foto's onderweg naar Bachelor Litchfield National Park

Een mooie ruime motelkamer met een eigen terras, rondom een zwembad met palmbomen.

foto's van Bachelor hotel

Bachelor Litchfield National Park was een open kopen- en tinmijn. Net buiten de Bachelor Litchfield National park was een uraniummijn.
Verder zijn we vandaag van plan om niets meer te doen. We hebben tot dusver 3000 km gereden en het wordt tijd om eens een keer niets te doen. Nou ja, behalve dan de auto schoonmaken.
Morgen nog een kippeneindje naar Darwin (50 km) om de auto in te leveren en om ons te melden bij Palms City Resort aan het strand, midden in de stad.

Zaterdag 15 oktober

Als ik dit schrijf is het 21:00, broeierig warm en het onweert in de verte. We hebben vanavond in het duurste restaurant van Darwin gegeten. Naar onze maatstaven valt dat wel mee.
Het centrum van Darwin is bezaaid met pubs (met eetgelegenheden), het is zaterdagavond en ze zitten vol met brullende en brallende aussie. De meiden zijn over het algemeen netjes gekleed. De mannen zien er over het algemeen niet uit. Korte broek en t-shirt, je kent dat wel van de Engelsen. De ware afkomst verloochend zich niet.

foto's van Darwin

Vanmorgen hebben we de auto zo goed mogelijk (als het kon) schoongemaakt en aan de buitenkant gewassen. Er waren nog wat sporen van het rooie stof / zand en wat modder (ik ging net iets te ruig door de “flood ways”). Het motel Bachelor heeft een wasplaats, zeldzaam.
Het inleveren van de auto, in Darwin, ging dan ook probleemloos. Daarna een taxi genomen naar het hotel, 2 km lopen naar een bushalte bij 35 gr. is ook niet alles.
We hebben een beetje rond gekeken in Darwin, we zitten in het oudste deel daarvan, vlak naast het parlementsgebouw aan de boulevard.
Het is een oude motel, waarbij ze wat duurdere bungalows hebben gebouwd. Wij zitten in het oudste gedeelte van het hotel op de 1ste verdieping.
We wachten hier rustig, onder een genot van een biertje op ons balkon, de dag van morgen af.
De stakingen van vliegtuigmaatschappij Qantas zijn opgeschoven naar 28 oktober 2011, dus daar zullen wij geen last van hebben.

Zondag 16 oktober

Vanmorgen voor het eerst uitgeslapen. De airco op 26 gr., de fan op de laagste stand en je slaapt als een roos. Het heeft vannacht niet geregend, het dreigt nu wel. In de nacht is het niet kouder geweest dan 28 gr. met een hoge luchtvochtigheid. Blij dat we niet in een tentje hoefden te slapen.
Vanmorgen is naast ons hotel de start (de noordelijkste deel van de Stuart Highway) geweest van de World Solar Challenge. Weinig tot niets van gezien. Iedereen moest zo nodig om 10:00 uitchecken. Want iedereen wilde zolang mogelijk in de gekoelde ruimtes blijven.

De finish van de World Solar Challenge is op de zuidelijkste deel van de Stuart Highway in Adelaide. De winnaar van de Challenge is de Japanse wagen “Tokai Challenger II” van Tokai University. De tweede is de Nederlandse wagen “Nuna 6” van TU Delft de Nuon Solar Team. Zie op wikipedia “World Solar Challenge 2011”.

Iets anders, de receptionist is een Indiër, een Tamil uit Chennai (Ambattur). Altijd weer leuk om te praten met zo'n iemand en dan hem laten verbazen met informatie uit zijn eigen geboortestreek. Albert kan dat niet laten, de Indiër was stomverbaasd.
Er zijn hier veel emigranten uit Azië. Die worden vooral ingeschakeld voor de laag betaalde baantjes zoals: taxichauffeurs, de bediening, schoonmakers, enz. De Australiërs hebben deze zgn. gastarbeiders hard nodig, ook hier slaat de vergrijzing toe en het niet willen of kunnen accepteren van lage lonen banen. Er is hier wel een betere kans voor de emigranten, dan de emigranten bij ons. Ze worden niet met de nek aangekeken, dat doet men hier wel met de aboriginals.

We hebben in de omgeving nog even rondgewandeld, maar nogmaals, veel te warm. Om 11:30 de taxi laten komen, liever iets te vroeg op het gekoelde vliegveld, dan rondhangen in de hitte. Was maar goed ook, we waren nog niet binnen op het vliegveld, of het begon te hozen. Het regenseizoen lijkt hier nu een beetje te beginnen.

De aankomst in Alice Springs was een verademing. Heerlijke temperatuur, lekkere wind. Ook al werd er gewaarschuwd dat het 32 gr. is en windkracht 2. Dus genoeg drinken, want je merkt niet dat je zweet, vanwege de landklimaat (hoge temperatuur met een lage luchtvochtigheid). Hierdoor voelt het droger en frisser aan.

Je vergist je elke keer weer met de afstanden. De shuttlebus vraagt voor de rit € 15,00 p.p., maar de rit duurt wel 20 minuten.
Het hotel is weer een verbouwd motel, tenminste de voorkant. Gloed nieuwe glasgevel enz. en daar achter een motel uit de jaren 60. goed onderhouden en een grote kamer. De airco hoeft niet aan, de temperatuur zakt hier vannacht onder de 20 gr. heerlijk.
De stad is nu een beetje een spookstad, net als thuis (Zeewolde) op zondag. Alles is dicht, behalve natuurlijk een aantal pubs en restaurants. Op straat slenteren de toeristen en locals, van of naar een restaurant.
We hebben vanavond heerlijk gegeten in een pub. Kangaroo lasagne, biertje erbij en gekeken naar de rugbywedstrijd Australië. tegen Nieuw Zeeland.
Nieuw Zeeland heeft gewonnen, de sfeer ging net zo verloren als bij ons bij een verloren voetbal wedstrijd tussen Nederland en Duitsland.

Maandag 17 oktober

Vanmorgen om 9:00 hebben we de auto opgehaald, was op een loopafstand. Zo groot is Alice Springs nou ook weer niet.
De auto is een 1 jaar oude Nissan Patrol 4WD, V6, 4 ltr. en hoog op de poten met 5 nieuwe banden.
foto van de auto

Onderweg naar Glenn Helen zijn we twee keer van het asfaltweg afgegaan voor het bezoeken van een gorge. De eerste was niet zo spectaculair, de tweede was beter. Het was vlakke wandelingen. De paden enz. zijn niet zo als in de EU, je loopt er op eigen risico. Ze hebben geen leuninkjes, touwtjes enz., recht toe recht aan de “wildernis” in en op paden die door velen zijn betreden.

foto's onderweg naar Glenn Helen

Halverwege de middag zijn we aangekomen bij ons verblijf. De Flinn River voor de deur van Glenn Helen is schitterend. Hoge opgaande muur van de gorge, een grote plas water voor de deur met vis en een kolonie aalscholvers. Er staat hier altijd water. De gorge, niet toegankelijk omdat het water van rotswand tot rotswand staat en is behoorlijk diep.

foto's van Goose Bluf
foto's van Glenn Helen Resort

Glenn Helen was vroeger een drinkplaats voor paarden en het vee. In 1900 is er een station gebouwd.
Het is nu uit- en aangebouwd met aanbouwtjes, een eetruimte met open haard en een motelaccomodatie, zoals er in de jaren 60 en 70 veel in Frankrijk en Spanje stonde. Een laag hoog, 8 kamers breed, met een kleine veranda en een schitterend uitzicht. Het is ook de laatste benzinepomp voor de volgende 275 km.

Glenn Helen gorge

Dinsdag 18 oktober

Na het ontbijt vertrokken naar King Canyon. Na een paar km houdt het asfalt op en gaan we weer verder over onverharde wegen. Het grootste deel is van een dusdanige goed kwaliteit, dat het in feite soms een lachertje was in vergelijking met de voorgaande ritten. Albert heeft sommige stukken met de cruise controle aan gereden en ik heb een lange stuk gereden, dat Albert zelfs in slaap was gevallen.
Onderweg was er niets om voor te stoppen. Lange stukken tussen de Rangers (riffen) door omdat er geen enkele wijze rechts- of linksaf weg mogelijk is.

foto's onderweg naar King Canyon resort

Het King Canyon Resort is vanaf de andere kant via het asfalt goed te bereiken. Dus de touringcars zijn weer aanwezig.
Vroeg naar bed, want het bezoek aan de King Canyon moet je 's morgens doen. Anders verga je van de hitte op de rotsgronden. O ja, Jannie om 7:30 gebeld en gefeliciteerd met haar verjaardag.

Woensdag 19 oktober

De lucht is lichtbewolkt, de temperatuur is goed en er staat wind. Dus, wat let ons.
Om 8:30 staan we aan de voet van de beklimming van Kings Canyon. Je moet eerst ongeveer 200 meter omhoog via een ruig geitenpad om boven te komen. Dit moet je niet doen als het al 35 gr. is en met een brandende zon.
Eenmaal boven heb je een schitterend uitzicht op de omgeving en loop je bovenlangs rustig naar de gorge. De rivier hier gaat door een hele smalle en diepe gorge door het rifgebergte. Het is niet langer dan misschien 6 km en slecht begaanbaar.
Er zit zelfs een waterval in. Niet dat die het doet, geen water genoeg, maar als er water is komt er heel wat naar beneden. Van bovenaf kijkt je zo over de rand in de gorge.
Veiligheid bestaat hier uit de regel dat je zelf verantwoordelijk bent, met een bordje erbij van gevaarlijk, kom niet dicht bij de rand.
Beneden staat altijd water in diepe uitgesleten putten in de bedding. Een van de plekken noemen ze Edens Garden ivm de zeldzame vegetatie en dieren, enz.
De wandeling is 6 km lang, duurt 4 uur, gaat over rotspartijen (geen paden) langzaam weer naar beneden.

foto's van King Canyon

Halverwege verzwikte ik licht mijn enkel, valt, schaaf mijn knie, red mijn systeem camera en loop de rest van de dag in een kapotte broek. De schade valt later de dag verder mee.
Probleem is dat je hier geen eerste hulp hebt, je kunt terug naar Kings Canyon of gewoon 375 km rijden naar je volgende verblijf. De laatste hebben we maar gedaan.
De weg naar Uluru (Ayers Rock) was saai, lang en eentonig met twee keer afslaan. Het asfalt is van een dusdanige kwaliteit, dat we in de polder (Flevoland) er jaloers op kunnen zijn. Strak, glooiend en lange rechte einden. Cruise control er op en maar hopen dat je niet in slaap. Het geluid van de turbodiesel en de banden op het asfalt is monotoon. En je komt bijna geen verkeer tegen. Na 4 uur rijden eindelijk in Uluru.

Donderdag 20 oktober

Eerst maar eens uitgeslapen. We hebben tijd zat. Dit gebeuren hier is een echte toeristisch gebeuren geworden. Van overal uit de wereld, met eigen auto, campers, touringcars, vliegtuig (groot vliegveld). Het is een resort met verschillende accommodaties, in prijsklasse dus ook.
Wij zitten in de Outback Pioneer Hotel en lodges. De onderste klasse, met een restaurant, een pub waar je ook kunt eten en een hoek waar je een stuk vlees kunt kopen en zelf mag braden op een grote BBQ (de groente is dan gratis).
Vanmorgen was het bewolkt, geen sunrise dus en het zal vanavond ook wel gen sunset worden.
Naar Uluru (Ayers Rock) gereden, een tijdje gekeken naar de idioten die zo nodig de rots op moeten lopen. Vlakke rotsbodem zonder treden, helling van 45 gr. en het midden stuk nog iets steiler. Men moet op het middenstuk achterste voren naar beneden lopen, er hangt daar een soort van draad als steun.
Er zijn in het verleden redelijk veel doden gevallen, of door overschatting van hun lichamelijke conditie gevallen of onwel geworden. Wanneer je valt, dan maak je echt een doodsmak.

foto's van uluru

We zijn er twee keer omheen gereden, lopend is het 10 km en dat ging niet vanwege mijn enkel. Foto's gemaakt en toen doorgereden naar de Olga's, 50 km verderop. Hoe verder we naar het westen reden, hoe donkerder de lucht werd. Bijna aangekomen flitste het aardig door het naderende onweer.
Omdat bij de Olga's redelijk vlak is, kon ik daar wel een stukje lopen. Hebben we ook gedaan.

foto's van de olga's

Maar, heb je een rot eind gereisd, zit je letterlijk in het hart van Australië, woestijngebied, gaat het spetteren en regenen. Maak je ook eens wat anders mee, niet te geloven.
We zijn maar omgekeerd en weer terug gegaan naar het hotel. Het dreigt van alle kanten, er zijn een paar spetters gevallen dusver.
Ondertussen maar boodschappen gedaan voor de rit van 535 km voor morgen. De eerste goede mogelijkheid voor het doen van boodschappen is in Alice Springs. Onderweg zijn een paar benzinepompen met een soort winkeltje van sinkeltje, voor de lokalo's of voor diegenen, die iets vergeten zijn. Water en zo.
Onze consumptie onderweg is tot dusver opgelopen tot ongeveer 50 ltr water en 30 blikjes cola light. En wat we verder nog aan water hebben gedronken bij roadhouses en waar we sliepen. Bier drinken doe je niet zoveel als je veel moet rijden en in de eerste week hadden wij niets bij ons. Omdat de openingstijden van de bottleshop vanaf 12:00 is, konden we daar niet op wachten. Vanwege de afstanden moesten we elke ochtend op tijd weg.
De aussies konden soms niet begrijpen dat we geen bier bij ons hadden. En in de nationale parken en de gebieden waar de Aboriginals de baas zijn is een alcohol verkoopverbod. Alleen de laatste week hebben we een wat luxer reis en komen we vaker een soort pub tegen. Daarnaast is hier het bedrag van drank per glas $ 8,00 en een blikje im de winkel kost $ 2,00. hetzelfde geldt voor de diesel. Die V8 en V6 4ltr turbo's lusten wel wat (1 op 8 tot 10) en de dieselprijs, hier in de outback, is ongeveer $ 2,00 (1,60). Alles is hier duur, wat je van ver moet aanslepen …
Na het eten van onze enorme outbackburgers, wordt het zeer druk in het eetgedeelte van de pub. Alle bussen komen terug van de zonsondergangtrip. Deze is afgelast vanwege de regen. En het is hier nog koud ook. Hebben ons fleece jasje aangedaan. Brrr, tropen.

Vrijdag 21 oktober

Volgens mij heeft het vannacht geregend en geonweerd, Albert heeft er niets van gemerkt.
We hebben de avond ervoor wat brood en beleg gekocht in de supermarkt, zodat we vroeg konden ontbijten op de kamer. Daarna vertrokken voor de laatste rit door de outback over de Lassiter Highway en Stuart Highway naar Alice Springs. Een lange rit van ruim 500 km naar onze laatste overnachting bij een boerderij, 20 km ten noorden van Alice Springs.
Een vrij eentonig rit over asfalt met een stop bij Mt. Ebenezer en een lunch stop bij een typische roadhouse in Eldunda.

foto's onderweg naar Bond Spring Retreat

Vandaar door een grotendeels door bosbranden gehavend landschap gereden naar Bond Springs Outback Retreat. Een grote farm buiten Alice Springs, waar we overnachten in een bungalow. Een van oorsprong verbouwd verblijf van de knechten (stockman), geschikt voor zes personen.
Omdat we ook hier redelijk laat aankwamen, hebben we een beetje in de buurt gewandeld.
In de bungalow hadden we een klein probleempje met wat kikkers. Bleek dat achter de stortbak van de wc leefden. Er zit zelfs een onder de rand van de wc-bril.

foto's van bond spring en omgeving

Zaterdag 22 oktober

Vroeg ontbeten, de vorige avond klaar gezet door de boerin. De auto moest worden ingeleverd.
Het vliegtuig vertrok om 10:00, 1 uur van te voren aanwezig zijn. Dus zorgen dat je om 8:00 bij het verhuurbedrijf, afgetankt, voor de deur staat. De eigenaar komt wat later, neemt de tijd, belt dan voor ons om een taxi. Die neemt ook de tijd. De rit met de taxi is gezellig. De chauffeur heeft leuke sterke verhalen en levert ons op tijd, 9:15 af op het vliegveld.
De afhandeling is gelijk aan dat op het vliegveld in Broome. No hurry, no worries.

We wisten dat we in Perth problemen zouden krijgen om ons hotel te bereiken. Er was ons van te voren meegegeven, dat er een hotel voor ons gereserveerd was op 40 km vanaf het vliegveld. Eerst dachten we; we laten het hotel voor wat het is en we gaan gewoon de stad Perth in. Maar op het vliegveld zijn we, mede door het weer, van gedachten veranderd.
We hebben een auto gehuurd (ca $ 60,00) en zijn maar gaan rijden. Blij dat we dat gedaan hebben, in de loop van de middag is het gaan regenen en om dan door de stad te gaan lopen, dat is ook niet alles.

Zondag 23 oktober

De vlucht naar Hong Kong gaat om 00:05, 2 uur van te voren de auto ingeleverd enz. en we zijn keurig op tijd vertrokken. Eenmaal in Hong Kong met een grote mercedes naar ons laatste hotel voor een verblijf van 12 uur. Een sjiek hotel bij de ingang van de haven van Hong Kong.
's Middags zijn we via een pendelbus van het hotel, gratis, naar een winkelcentrum in een voorstad geweest. Wel even wennen, al die mensen, alles in het Chinees en je valt niet op als Europeaan. Wel leuk.

foto's van Hong Kong

In de loop van de avond opgehaald door hetzelfde taxibedrijf en op tijd vertrokken naar Nederland.

Maandag 24 oktober

Weer thuis na een korte, heftige en zeer bijzonder reis door een klein stukje Australië.